20141007-blog-horeca-inrichting-bakkie-leut.jpg
Tweehonderd jaar feest
- 11 januari 2019 door Edwin -
Vier vrienden die ooit samen in een band speelden. Toen we veertig werden, vierden we feest in een kleine loods. Dit wilden we herhalen nu we alle vier de nogal beladen leeftijd van vijftig hadden gehaald, maar geen loods te vinden. Daarom besloten we te feesten in de kroeg die eens onze stamkroeg was. Elke vrijdagavond na de bandrepetitie fietsten we er nog gauw even langs om er een paar pinten met evenzoveel borrels te combineren. Lachend van de barkruk vallen. Die kroeg, daar voltrok zich het feest. Op één ding na is alles goed gegaan.

Bier, cola en chips

Een beetje twintigjarigheid kleeft ons nog aan. We denken nog altijd dat een feest geven heel simpel kan. Goeie muziek, een hoop kratten bier, paar flessen cola en een zak chips per kop: veel moeilijker hoeft het wat ons betreft niet. In een kroeg is dit ook prima te doen, maar dan is het prijskaartje wel anders. Even slikken, want hoe vrijgevig we ook zijn, we zijn niet gek. Uiteindelijk was het best eenvoudig: niet feesten of feesten in de kroeg. Klaar.

Grappig trouwens dat de organisatie niet verliep zoals onze partners het voor zich zagen. Sterker nog, zelfs onze kinderen schudden hun lieve hoofdjes. O o o, ha ha ha, die papa’s! Maar wij lachten het laatst: alles was in kannen en kruiken. We hadden slechts één vrees, één punt van twijfel: zijn de vijf uren die het feest zou gaan duren wel genoeg? Ik vermoed dat veel genodigden deze vrees deelden. Een kwartier na aanvang stond de kroeg al vol en verschenen reeds de eerste zweetparels op de voorhoofden van het barpersoneel. Het feest kon beginnen.

Bitterballen

De eerste band ving aan en even later rolde de eerste charge bitterballen het vet in. De band speelde muziek die bij de naam past: Hillbilly Hayride, drie zangers en een zangeres ondersteund door de klanken van ukelele, mandoline, banjo, staande bas en steelguitar. Ze kregen het nog wat koude volk vrij aardig mee, wat mede debet was aan de vertelkwaliteiten van de bassist. In sappig Brabants lichtte hij onbelangrijke aspecten van zijn leven toe.

Inmiddels was de afvaardiging van Tribe ook binnen. John en Doroté vlogen me om de nek. Misschien verliep het anders, maar zo ervoer ik het. Het zou kunnen dat dit hartelijke onthaal me enigszins uit het lood had geslagen, want even later gebeurde dus het ene ding dat niet goed ging.

Glijdende schaal

Ik meende te zien dat de band stond in te drogen, dus ik liep naar het podium om hen te vragen of en wat ze wilden drinken. Zes bier, een cola en een watertje. Ik wurmde me door het al lichtjes lallende volk door naar de bar, deed mijn bestelling en zette met een dienblad in mijn handen koers terug naar het podium. Omdat het niet meevalt om met een vol dienblad tussen opeen gepakte lijven te bewegen, stak ik het blad in de lucht. Het ging goed, maar niet verder dan twee meter. Er begon een pint te kantelen en ik kantelde het blad tegen, waardoor een tweede glas nerveus begon te doen. In mijn ooghoeken zag ik John al in de startblokken.

Precies voor het podium begon de hele lading te schuiven. John en nog iemand probeerden te redden wat er te redden viel. De glazen werden gespaard, de inhoud ervan lag op de grond en zat in mijn kleren. “Horeca is niet mijn ding,” verontschuldigde ik me richting John. Daar was hij het niet mee eens. Volgens hem moest ik gewoon aan de goeie kant van de bar blijven, de consumptiekant, zeg maar. Verder ging dus alles goed.

Tegen de vlakte

Het laat zich raden hoe het feest verder verliep. Voor details over het laatste uur verwijs ik u naar de andere gasten, hoewel ook het gros van hen het niet na kan vertellen. Niet belangrijk bovendien. Een uur daarvoor speelde de tweede band, The Heck, drie rockers uit Klazienaveen. Ze kregen de zaal aan de kook met een flinke dot opgefokte en luide garagerock. Niet alleen de zanger lag tegen het einde voor het podium tegen de vlakte. Ik had willen waarschuwen voor het bier dat er lag, maar dat is praten achteraf.





niet
of
wel
feesten
menu