Benzinestations in neon

- 15 October 2018 door Edwin Timmers -

Lang geleden schreef ik een liedje dat ik Neon twist doopte. Inspiratie ervoor deed ik op in een shoarmazaak die de hele nacht open was. Je was er welkom als alle andere zaken in de stad hun deuren hadden gesloten. Gezellig was het er niet, alles baadde er in een overmaat aan wit neonlicht. Toch raakte deze kille sfeer me. Wit licht diep in de nacht. Welke dichter zwicht er niet voor?
Als je over straat loopt, negeer je dingen. Dit gaat automatisch, je hoeft er niets voor te doen. We richten onze zintuigen het liefst op zaken die ons strelen. Lelijke dingen zien we bij voorkeur niet. Het is aan de kunst om ons te confronteren met het vermeend lelijke van onze cultuur. Benzinestations aan de snelweg, zijn die mooi of lelijk?

Kunstlicht komt het beste tot zijn recht in het donker. Kunstlicht en nacht zijn dus dichterlijk met elkaar verbonden. Als de zon slaapt, komt kunstlicht uit zijn duistere hol.

Ik heb vele winterse nachten doorgebracht in kille bedrijfshallen op verlaten industrieterreinen ver van huis. Als het werk gedaan was, dankte ik god of welk opperwezen dan ook op mijn blote knietjes dat ik naar huis mocht. Spoedig raasden we over nauwelijks verlichte snelwegen. Het was stil in de auto, mijn collega’s en ik waren doodmoe. We leefden op als we in de verte de verlichte fries van een benzinestation een wollig gat in het donker van de nacht zagen branden. Neon, toen nog een teken van geluk en warmte. Een paar minuten later laafden we ons verbleekte wezen aan dampende koffie en een ingedroogde gehaktstaaf in een bad van mayonaise.

Traag doch gestaag wordt neonlicht door LED vervangen. Maar, geloof me, neon heeft het eeuwige leven.
terug

ingedroogde

gehaktstaaf