Bodyscan

- 14 June 2017 door Edwin Timmers -

Wat ik voel? Wat ik nu voel? Mijn vriendin deed een mindfulnesstraining en strikte mij voor een bodyscan. Dit klinkt heel technisch, maar meer dan een bed en een stem is niet nodig. En een stukje overgave. Mijn vriendin heeft een stem, dus die gebruikt ze. Een bed staat in de slaapkamer. Ik ga liggen en luister naar de stem. De stem vestigt mijn aandacht op mijn kleine teen. Zonder flauwekul. Ik besef voor het eerst in mijn leven dat ik vijf tenen aan elke voet heb. De stem neemt me mee in een reis over mijn lijf. Ik word sloom. Dat spreek ik uit. De stem zegt me niet te praten. En slapen is ook niet de bedoeling. Een kleine twintig minuten later is mijn lijf in kaart gebracht. De stem vraagt wat ik nu voel? Pijn, overal, en vermoeidheid, antwoord ik. Meteen daarop val ik in slaap.
Dit was mijn eerste en laatste bodyscan. Een zinvolle ervaring. Bewust mijn aandacht op iets vestigen, is me niet vreemd. Stukjes als het onderhavige schrijven vergen focus. Liedjes maken op de gitaar idem dito. Maar de bodyscan leerde me dat alles aandacht gegeven kan worden. Meer aandacht dan normaal. Dingen krijgen daardoor diepte, ze beginnen te bestaan. Hoe langer ik mijn aandacht vestig op iets wat aanvankelijk mijn aandacht vroeg, hoe meer ik ga zien. Op zeker moment draag ik het kijken over aan de fantasie. Hoe bizar ook, maar ik voel dan warmte, die wellicht voortkomt uit een weggedrukt kinderlijk verlangen. Evengoed is het liefde.

“Fuck!” Wat? Hoorde ik dat echt. Ik zit op het gazon achter het huis. Het zal de koelte van het gras zijn die me daartoe aanzet op deze hete dag. Een tel geleden trok een klein donker vlekje in mijn ooghoeken voorbij. Ik kijk naar het gras en zie dat het geen mat is, maar een verzameling gekortwiekte plantjes, redelijk dicht op elkaar. Een kever, iets groter dan een volwassen pissebed, probeert naar de top van een grasspriet te klimmen. De vleugelschilden van het diertje zijn metalic bruin, het lijfje is metalic groen, net als het groen van een strontvlieg. Een sierlijke kever, vind ik. Net voordat hij de top bereikt, buigt de grasspriet en hij valt weer naar beneden, tussen de plantjes. Ik hoor ‘m zwoegen. Nieuwe poging, hetzelfde resultaat. “Fuck!” Ik hoor het toch echt. Ik buig me naar het beestje toe, dat een derde poging onderneemt. Met weer hetzelfde resultaat. Hij krabbelt overeind, klapt de bruine schilden weg zodat de vleugels vrijkomen en start de motor. De vleugels klapwieken en tillen de kever op. “Bekijk het toch!” Hij vliegt over de schutting naar de buren. Wat zocht hij toch daar in de top van die grasspriet?
terug

aandacht

maakt

verschil