De gekte voorbij

- 28 February 2018 door Edwin Timmers -

De voornaamste functie van de huiskamer en eigenlijk elke sociale ruimte is ervoor te zorgen dat we niet gek worden. Daarom maken we die ruimtes aantrekkelijk. Kamers die niet aantrekkelijk zijn, geven ons het signaal dat we er niet thuishoren of dat we er snel uit weg moeten. Denk aan wachtkamers en cellen.
Lieke Marsman schrijft in een kort artikel over de angst om alleen over straat te gaan. In gezelschap durft ze het wel. Angst heeft een eenzaam karakter, lees ik. Speelt de angst op als ze alleen thuis is, dan smeekt ze vrienden of ze langs willen komen. Ze hoopt dat die vrienden ingrijpen als blijkt dat ze niet meer diegene is die ze altijd is. Zolang vrienden haar het zout aangeven als ze om het zout vraagt, is ze ervan verzekerd dat denken en zeggen nog gelijk opgaan en haar werkelijkheid dus nog correspondeert met die van haar gezelschap. Zolang haar vrienden niet ingrijpen, is ze niet gek.

Afzondering of eenzame opsluiting doet mensen geen goed. Gezamenlijk houden we elkaars hoofdspoken in bedwang. En samenzijn doen we in het regenachtige Nederland vooral in overdekte sociale ruimtes. Zo bezien is het verfraaien van de huiskamer met bloemen, planten, meubels, schilderijen, foto’s, boeken en potjes en vaasjes een versiertruc, een manier om mensen te lokken. Vergelijkbaar met de manier waarop we ons lichaam verfraaien met kleding, sierraden en parfum. Kortom, we maken onszelf en ons huis mooi om de gekte weg te houden.

Hoe moeten we nu het gedrag van de kannibalistische heks in Hans en Grietje interpreteren? Haar huis was tenslotte onweerstaanbaar aantrekkelijk aan de buitenkant. Binnen heerste gekte.
terug

knibbel

knabbel

knuisje