Een bokaal voor gastvrijheid

- 16 May 2018 door Edwin Timmers -

Onder narcose voor gebitsonderhoud. Tamelijk absurd. Toch zit er voor mijn zoon weinig anders op. Vanwege zijn ontwikkelingsachterstand reageert hij nogal primair op tandartsboren. Niettemin is zijn tandarts er een die me iedere keer weer weet te raken met zijn kunde. Mijn zoon is achttien maar functioneert op driejarig niveau, zeker bij de tandarts. Toch heeft de arts een keer een gaatje bij hem gevuld. Het was gepiept voordat we er erg in hadden.
Hij spreekt altijd op rustige toon. Hij neemt de tijd en bant alle nervositeit uit zijn lijf. Hij weet namelijk dat mijn zoon elke onzekerheid meteen aanvoelt. Daar gaat hij. Hij werkt gestructureerd, elke handeling heeft een afgemeten hoeveelheid tijd, elke handeling moet doelgericht zijn en nooit gehaast. Mama, die er natuurlijk ook bij is, zingt bij voorkeur een liedje. De tandarts neuriet het repertoire inmiddels mee. Onze zoon lacht en opent geroutineerd zijn mond. Maar niet langer dan twee, hooguit drie minuten. Ik ga graag mee naar de tandarts van mijn zoon, een meester in de empathische geneeskunde, mocht die bestaan.

Recent ontdekte hij een nieuw gaatje en adviseerde ons om dit keer naar de afdeling tandheelkunde van een ziekenhuis te gaan en dan gelijk foto’s te maken en zijn gebit sealen, plus eventueel aanstaande verstandskiezen trekken. Het werd Rijnstate in Arnhem. Een dagopname, jawel, voor de goede zaak. Papa en mama gaan natuurlijk mee.

Vroeger heette het ziekenhuis in Den Bosch ziekengasthuis. Gasthuis is een mooi woord. Rijnstate in Arnhem mag zich van mij gerust een ziekengasthuis noemen. Wij waren te gast en precies zo, namelijk ontzettend gastvrij, werden we ontvangen door een teampje van ervaren en opvallend empathische verpleegkundigen. Zonder een greintje spot: we voelden ons bijzonder welkom, we werden verwacht.

Men nam de tijd voor ons, elke handeling werd door een toelichting begeleid en als iemand tegen ons sprak, keek die persoon ons in de ogen. Maar liefst vier mensen brachten zoonlief onder narcose. Ze hielden alles in de gaten, ook de toestand van papa. Permanent werd mijn geestelijke toestand gepeild. Zelden is die toestand zo goed als die daar in Rijnstate was. De chirurgisch tandarts had het uiterlijk en voorkomen van een Bourgondiër eerste klasse. Tikje verward, wat hem charmant maakte, en oprecht, doch op een gepaste afstand, betrokken.

Ik weet niet of er een jaarlijkse bokaal voor gastvrijheid bestaat. Mocht die bestaan, dan mag die van mij naar Rijnstate. En ook naar het Radboud ziekenhuis in Nijmegen, want daar zijn we ook nogal eens geweest. Een volgende trofee mag naar het Jeroen Bosch in Den Bosch, evengoed bekend terrein. En natuurlijk moet er een naar de reguliere tandarts van mijn zoon. De bokaal die dan nog over is, mag naar mijn eigen tandarts een paar straten verderop. Weet je wat? Ik breng hem zelf wel.
terug

ik

breng

hem

zelf