Effe wachten

- 15 May 2018 door Edwin Timmers -

Stapje voor stapje dichterbij een doel dat ik niet eens zelf bedacht heb. De mensen achter me praten openhartig en luid, soms ademt een van hen in mijn nek. Voor me staat een stel te zaniken over de prijs van een kop koffie. Ik sta in een rij. Dat is nodig, anders kom ik het vliegtuig niet in.
Ik open mijn ogen, rek me uit, sta op en loop door de wijd opengeslagen deuren het balkon van het appartement op. Het plein tien meter lager ligt al voor de helft in de zon. Op die helft ontwaar ik een sliert mensen. Ze staan te wachten voor een populaire lunchroom, die zelfs voor het ontbijt al meer mensen trekt dan het stoelen heeft. Een mooie zaak. Graag zou ik er wakker worden met een kop koffie en een broodje. Ik besluit zelf koffie te zetten en wat brood te halen bij supermarkt een paar honderd meter verderop. Als ik de lunchroom passeer, zie ik dat de mensensliert zich als een rups tot diep in de zaak heeft gepenetreerd. De meeste wachtenden kijken op het scherm van hun mobiel. Ze staan tot op nauwelijks twee meter van het eerste tafeltje. De gasten aan dat tafeltje moeten wel van staal zijn als ze de druk van de rij niet voelen.

De Efteling mijd ik omdat het een wachtpark in plaats van een pretpark is. Gisteren las ik een artikel waarin de auteur schreef dat ze veertien uur in het vliegtuig naar Brazilië doorbracht. Veertien uur achtereen op een stoel! Brazilië zal mij voorlopig niet zien. Ik vond het taxiën van het vliegtuig in Madrid al veel te lang duren. Met meer dan honderd mensen in een luxe pijp. De stem in de speaker bleef maar tetteren. Wij, de passagiers, konden meedoen aan een loterij, waarvan een substantieel deel van de opbrengst naar hulpbehoevende kinderen gaat. Alstublieft, stop een lolly in uw snavel en zwijg. Wachten vind ik echt heel vervelend.

Tien uur achtereen op een kruk aan de bar zitten zeveren doe ik, enigszins afhankelijk van mijn gezelschap, bijzonder graag. Waarom ik dit niet als wachten zie? Simpel, omdat ik weg kan. Als ik na acht uur denk dat het mooi geweest is, stap ik op mijn fiets, tenminste, als fietsen dan nog lukt. Over fietsen gesproken: op dit vervoersmiddel naar Madrid, ja, dat zou ik liever doen dan met het vliegtuig. Het doorbladeren van een folder met strandvakanties stemt mij net zo droevig als het kijken van een YouTube-filmpje van een mishandelde hinkepotende circusbeer op leeftijd. Waarom brengen mensen vrijwillig hun vrijetijd door op een strand, liggend, op het heetst van de dag? Wie is er hier gek?

Ooit had ik een kantoorbaan. De wijzers van de klok bewogen met de minuut trager naar het verlossende eindpunt van vijf uur. Voor het wegtikken van de laatste minuten waren zeven aan elkaar gekoppelde mammoettankers nodig, zo zwaar. Maar goed, ik houd u niet langer op.
terug

tien

uur

achtereen

zeveren