Escaperoom

- 26 February 2018 door Edwin Timmers -

Gisteren gebeurde het. Sinds jaren keken we met het hele gezin naar de televisie, vrijwillig. De Luizenmoeder verbond ons heel even in vrede. Vijfkoppige lachsalvo's galmden door de escaperoom die de huiskamer met beeldbuis nu eenmaal is.
Escaperoom? Jawel, escaperoom. De huiskamer is een escaperoom: zit je er in, dan wil je er uit. De televisie is de perfecte uitweg. Maar ja, dan moet je tv kijken, wat hoogst zelden geen kwelling is. Natuurlijk weet ik dat de huiskamer sec bij uitstek een plek voor goed samenzijn is. Ik weet het, maar ik voel het niet. Ik verveel me. Behalve dus tijdens De Luizenmoeder. Wonderlijk.

De Luizenmoeder drijft op rancune. Als de ene ouder een andere een hak zet, duurt het niet lang of de hakzetter gaat op zijn bek. Daar geniet ik van. In werkelijkheid krijgt rancune nooit een kans omdat we allemaal leerden tot tien te tellen, desnoods tot twintig in een dubbele reeks van tien. Ooit schreef Rob van Wijk, autoriteit op het gebied van internationale betrekkingen, over de oorlog in Syrie, dat praten pas mogelijk is als de hitte uit het conflict is. Een gewaagde stelling die te denken geeft.

Het schoolplein in de serie dient als normaliseringsmachine. Nieuwe ouders hebben tegenwoordig vanzelfsprekend een hoog zelfbeeld. Dit zelfbeeld wordt op het schoolplein in de serie rap neergehaald, met, hoe kan het ook anders, rancuneus psychologisch geweld. Het resultaat is dat spoedig iedereen ‘normaal’ doet.

Mijn aanwezigheid in de huiskamer maakte het gezin wel wat nerveus. Aanvankelijk zochten ze allemaal naar een uitweg. Met papa tv kijken kennen ze namelijk als niet leuk. Het viel mee, want ik blokkeerde behendig alle uitwegen met retorische trucs. Ze bleven niettemin de volle vijfentwintig minuten op hun hoede. Mijn aanwezigheid maakt van de huiskamer een escaperoom. Ik ben het spelelement in huis. Ooit zullen ze het waarderen.
terug

volle

vijfentwintig

minuten