Gekke vogels, die mensen

- 28 November 2017 door Edwin Timmers -

"Scientist say that we're made out of atoms. But a little bird told me that we are made of stories."

Een mooi citaat uit de moedeloos stemmende documentaire Shadow World over internationale wapenhandel. Ik wil even stilstaan bij het citaat, waarvan de auteur me onbekend is.

Ik denk dat de mens zich van dieren onderscheidt door het vermogen om verhalen ('stories') te vertellen en te begrijpen. Verhalen maken ons kortom tot mens. In het citaat vertelt een klein vogeltje dit geheim aan een mens. Misschien fluiten vogels een verhaal, zeker is dat geen mens weet wat ze ons ermee willen vertellen. Toch verleent de mens betekenis aan zijn kwinkeleren.

Elke zomer hebben wij merels in de tuin. Als de jongen zijn uitgevlogen, zijn de ouders veel minder schuw. Alert, doch redelijk cool trippelen ze dan op en om de tuintafel. Ik vind dat gezellig.

Deze zomer hadden we geen merels. In de lente was er slechts één, maar deze haalde de zomer niet. Op een dag lag hij met ingetrokken pootjes op zijn rug onder een struik. Mieren hebben we in overvloed. Fascinerend hoe zij met duizenden de dode merel in een paar dagen tijd begroeven. Of mieren hem opeten, weet ik niet. Wel namen ze de moeite het kadaver de grond in te werken.

Sinds vorig jaar houdt het Usutuvirus huis onder de merelpopulatie, las ik. Waarschijnlijk de doodsoorzaak van onze merel.

Een druivenstruik vormt het dak van de pergola in onze tuin en produceert jaarlijks misschien wel duizend trossen. Altijd, wanneer de druiven overrijp zijn, zagen de merels (en lijsters) hun kans schoon. Ze vraten zich helemaal rond.

Ook dit jaar hebben we druiven. Mijn vriendin had mij al aangespoord om de struik van druiven te ontdoen en de stoep schoon te maken, aangezien van de vogels (op een paar koolmeesjes na) elk spoor ontbrak. Omdat ik graag zie dat vogels de struik leegeten, vroeg ik om een week uitstel.

En prompt kwamen de vogels, waaronder twee kerngezonde merels en een stel lijsters. Ik zag een spreeuw wegvliegen toen ik de struik naderde. Bijzonder, want spreeuwen zie ik hier niet vaak. Een uur of wat later strijken er zeker twintig neer op de kruin van de struik. Zou die ene de andere zijn gaan halen? Hoe informeert hij zijn soortgenoten over zijn vondst? Zouden ze elkaar toch, net als mensen, verhalen vertellen?

Dezelfde dag dat de spreeuwen onze tuin aandoen, landen de twee dikke houtduiven met veel geklapper op de stoep. Ook hen zag ik een tijdje niet. Waarschijnlijk vertelde een collega-duif dat ze toch weer eens moesten gaan kijken, gezien het grote aantal spreeuwen dat er sinds kort rondhangt. Ik denk dat het ze tegenviel – volgens mij vinden duiven druiven niks. Dezelfde dag waren ze alweer vertrokken.

terug

kwamen

de

vogels