Industriele schoonheid

- 28 March 2018 door Edwin Timmers -

Het mag. Ik loop een bijna af huis binnen. De muren gestuukt en witter dan wit, de vloeren van beton en raamkozijnen van zwart staal. Ik kijk omhoog en zie dat het plafond nog gedaan moet worden. De stalen balken zijn nog zichtbaar tussen de betonnen breedplaatvloeren, waarin contactdozen als zwerende pokken prijken. Maar ik vergis me, maak ik op uit het beschaamde glimlachje van de toekomstig bewoner. "We vinden het zo mooi. Beetje industrieel."
Een interieur mag best een ‘beetje industrieel’ zijn. Een beetje meer mag ook. Maar hoe komt het dat dat mag? Twintig jaar geleden liep zowat elke ontwerper voorbij aan alles wat naar industrie riekte. En nu kan hij er haast niet meer omheen, nu mag elke leiding gezien worden en heeft een scheurtje in beton esthetische waarde. Een paar weken geleden denk ik te hebben ontdekt wat deze omslag in de beleving van de binnenruimte veroorzaakte.

Opinieweekblad De Groene Amsterdammer had een bijlage over een tentoonstelling met werk van fotografenechtpaar Bernd en Hilla Becher. In 1976 begonnen zij de inmiddels legendarische fotografieafdeling van de Kunstakademie Düsseldorf. Bijna twintig eerder fotografeerde het stel al industriële objecten en bouwwerken in het vergaand geïndustrialiseerde Ruhrgebied waarvan hun woonplaats Düsseldorf deel uitmaakt.

Het zijn ogen van dit kunstenaarsduo die de onze hebben geopend voor het industriële in de leefomgeving. Ik denk dat de mens van nature geneigd is voorbij te gaan aan de vaak pure functionaliteit van industriële complexen. Precies zoals we naar een stoplicht kijken – om te zien of we moeten stoppen of kunnen doorrijden – kijken we naar industrie. We zien het wel, maar we zien het niet. Het is niet gemaakt om mooi te zijn, zeker niet vanaf de tweede helft van de twintigste eeuw. Het moest degelijk zijn en als het even kon keurig afgewerkt volgens de normen van welstand, en daarmee basta.

Ik las de artikelen in de bijlage van De Groene Amsterdammer en besloot hierna alle namen die ik was tegengekomen in de afbeeldingensectie van Google in te voeren – volg gerust mijn voorbeeld met deze greep eruit: Bernd Becher, Hilla Becher, Thomas Struth, Axel Hütte, Andreas Gursky, Thomas Ruff, Simone Nieweg. Ik vergaapte me ruim een uur aan industriële en vergelijkbare vervreemdende schoonheid op het beeldscherm. De tentoonstelling van het werk van de Bechers en hun leerlingen loopt tot en met 3 juni in Huis Marseille, Amsterdam.
terug

de

normen

van

welstand