Je kunt niet terug

- 06 July 2018 door Edwin Timmers -

Hij zat al klaar onder het afdak achter zijn huis. De interviewer zou komen, met een fotograaf. Zijn gezicht verried dat hij er veel zin in had. Ik was de interviewer en de fotograaf zou een halfuur later aanschuiven. Zijn gezicht gaf ook te kennen dat hij mij op straat niet als interviewer herkend zou hebben. Toch leek hij, een voormalig boer van 84, dat niet erg te vinden. "Niet iedereen lijkt op Jeroen Pauw."
Onderwerp van gesprek moest het boerenleven toen en nu zijn. Zou hij bijvoorbeeld nu nog steeds boer willen zijn? Natuurlijk wilde hij dat, tenminste, als zijn leeftijd hem dat nog toestond. Terug in de tijd wenste hij niet. Vroeger was het boerenleven stukken zwaarder, in ieder geval fysiek, niet iets om naar terug te verlangen. Het boerenleven is nog steeds mooi, vond hij, ondanks alles. "Bovendien waren er vroeger ook regeltjes."

Vroeger waren er geen banken. Wilde je uitbreiden, dan was je afhankelijk van de goeie wil en het geld van de kerk of een van stel vrijgezelle boerenzonen die een erfenis beheerden. Hoewel de banken tegenwoordig niet erg toeschietelijk zijn, is het nu toch beter, vond hij. Nee, deze ex-boer zwolg niet in het verleden. Maar hij vertelt er wel graag over.

De fotograaf kwam aanlopen. Na het handen schudden maakte hij meteen kenbaar hoe hij de foto bij het artikel voor zich zag. “Ik wil het liefst een portret. Uw hoofd en bovenlijf tegen een zwarte achtergrond. Daarvoor heb ik een doek meegenomen.” De boer knikte vermaakt in mijn richting. Hij deed zijn best het keurige Nederlands van de fotograaf te volgen. De opmerking over het zwarte doek prikkelde zijn lachspieren. “Kom je voor mijn rijbewijs?” spotte hij. Dit konden de fotograaf en ik niet plaatsen.

“Nou, dat zit zo. De basisschool hier in het dorp stond vroeger aan de andere kant van de rivier. Tegenover de school woonde een kinderloos stel met een motorfiets. Ze zijn allang dood, maar dat maakt voor dit verhaal niet uit, want toen leefden ze nog. Met z’n tweeën op de motor, hij achter het stuur en zij achterop met een fotocamera in een tas op haar rug, reden ze op afroep door het dorp om portretfoto’s te maken voor op het rijbewijs. Voor de achtergrond gebruikte zij precies zo’n zwart doek als jij hebt.”
terug

ik

was

de

interviewer