Joris Breedschot bezoekt een congres

- 18 July 2017 door Edwin Timmers -

Hoe kom je binnen?Via de deur.
Maar wat als het alleen voor genodigden is?
Met een uitnodiging.
En als je geen uitnodiging hebt?
Met praatjes.

De parkeerplaats heeft een parkeermanager. De man in pak wijst me een plek toe. Een andere man in pak stapt uit een Bentley. Ik schud hem de hand. “Joris Breedschot van Unlimited Supplies. Fijn u weer eens te ontmoeten,” zeg ik. “Braakvelder,” mompelt hij met een onverschillige glimlach en loopt van me weg Noodzaak tot wijziging van strategie. De parkeermanager!

Hij heeft het begrepen. Ik geef hem twee tientjes.

Bij de ingang stuit ik zoals viel te verwachten op een vrouw in pak, de broek is een rok. “Hallo,” zeg ik. “Mijn vader verwacht me.” De vrouw kijkt verrast over mij heen. De parkeermanager draaft in onze richting en roept: “Meneer Braakvelder! Meneer Braakvelder!” Ik draai me om en vraag hem wat hij van me moet. “Uw vader heeft de sleutels op zijn Bentley laten zitten. Mag ik ze u meegeven?” Uit de hoogte knik ik dat dat mag en hij geeft me de sleutelbos. Ik stop ze in mijn zak. De vrouw zag mijn vader net binnenkomen. De gang in, derde zaal rechts, de VIP-lounge: daar zal hij te vinden zijn.

Mijn pak is van de C&A. Desondanks val ik niet op tussen de honderden bezoekers van het symposium ‘Managen op mars’. De sleutels stop ik in mijn koffer. Ik moet een handeltje bedenken, of een functie, vermoed ik. Mocht ik een gesprek aanknopen, zoeken ogen een naamkaartje. Een naamkaartje gaf de vrouw me niet omdat ik op de lijst ontbrak.

Niet eerder bezocht ik een managementcongres. Het inschrijfgeld is hoog, te hoog voor mijn smalle beurs. Sterven zonder een managementcongres te hebben bijgewoond, kon ik echter niet verkroppen. Ik ben binnen en kijk naar het dagprogramma op een groot scherm. Twaalf lezingen, waaruit hieronder een willekeurige greep.

‘Straf uw personeel SMART’
‘The hug, a primary strategy’
‘Benchmarks as emotional backdrop’
‘Steigers voor stijgers’

Ik besluit de laatste te gaan doen. Een jongeman in pak botst tegen me op. Sorry, zegt hij. Zijn ogen zoeken een naamkaartje. Ik reik hem mijn hand die hij gretig aanneemt en weer teruggeeft na enig schudden. “Joris Breedschot,” zeg ik. “Accountmanager bij Unlimited Supplies, een grote steigerbouwer.” De jongeman zegt drie keer zijn naam, maar ik kan er niks uit opmaken. Hij managet een eenmanszaak en adviseert me, gezien mijn functie, zeker naar ‘Steigers voor stijgers’ te gaan. “Het zal je interesseren.”

De zaal is vol. Ik zit vooraan. De spreker heet Tamara en draagt een lentegroene blouse op een grijze rok. Ze loopt niet vaak op de lentegroene schoenen met hoge hak, maar dat geeft niet, want heel ver hoeft ze niet te lopen. Kijk, ze staat al achter de katheder. Vriendelijk lachend neemt ze de zaal op en haalt de microfoon van het statief waarmee ze naar de rand van het podium loopt.

“Ben jij een stijger of een steiger?” vraagt Tamara de zaal. Niemand antwoordt.
“Ben jij een stijger of een steiger?” Ze loopt een paar passen naar rechts.
“Ben jij een stijger of een steiger?” Niemand antwoordt. Ze loopt het dubbele aantal passen naar links.
“Ben jij een stijger of een steiger?” Iemand in de zaal roept dat hij een stijger is.
“Een stijger of een steiger?” vraagt Tamara.

De boodschap van Tamara: binnen elk bedrijf werken meer steigers dan stijgers. Dat is goed, want steigers maken samen het platform (Tamara spreekt dit Engels uit) waarop de stijger omhoog kan. Het is aan de stijger om a. in zichzelf de stijger te leren zien, en b. in anderen de steiger. Een echte steiger helpt je graag klimmen. Wil je dus een stijger zijn, maak dan gebruik van echte steigers.

Terug in de ontvangsthal merkt de jongeman in pak mij op vanaf een metertje of twintig. Hij steekt een duim in de lucht en trekt een gezicht dat uitdrukt dat de lezing steengoed was. Ik leg dezelfde uitdrukking op mijn gezicht en steek een duim in de lucht.

Een warme hand ligt plots op mijn bovenarm. Ik draai me om en zie de vrouw van bij de ingang. “Meneer Braakvelder, of hoe u ook mag heten,” spreekt ze streng. “De heer Braakvelder verzekerde me ervan dat hij geen zoon heeft. Hoe de vork werkelijk in de steel steekt, deert me niet. Als u nu gewoon even de 1.500 euro betaalt, dan kan ik weer verder. Okay? Loopt u maar met me mee. Het is zo gepiept.”

Ik haal de sleutels uit mijn koffer en open de Nissan Micra van mijn vrouw. Ik lulde me naar buiten. De plaats afrijdend passeer ik de parkeermanager. Hij rookt een sigaar en geeft me een dikke knipoog. Het was me de twee tientjes waard.
terug

stijger

of

steiger