Koe op de weg

- 03 August 2018 door Edwin Timmers -

In een staat van herkauwen ligt de koe midden op straat. Geen claxon krijgt beweging in het dier. Haar kaken malen en ze kijkt in de oneindigheid. De eigenaar laat het touw dat hem met haar verbindt uit zijn hand glijden. Met de stok in zijn andere hand port hij het touw tegen de koe. Ondertussen claxonneren zo'n tien auto's een debiele symfonie, vijf auto's op elke rijbaan, met de neuzen naar elkaar.
Uit een van de auto’s stapt een jongeman. Hij draagt een nauwsluitend overhemd om zijn gespierde bovenlijf en heeft een achterwerk om op te vreten. “Flikker alsjeblief op met die koe van u!” roept hij in staat van geestelijke ontbinding. De eigenaar reikt de jongeman zijn stok. “Regel het maar,” zegt hij gelaten. De jongeman neemt de stok aan en haalt uit.

“Waag het niet!” schreeuwt een al wat oudere man, die het vanaf zijn auto op een sprintje zet, in zijn kielzog gevolgd door een forse dame van vergelijkbare leeftijd. De vrouw rukt de stok uit de hand van de jongeman. De eigenaar zwijgt en loopt naar de berm, waar hij languit gaat liggen, zijn handen gevouwen onder zijn achterhoofd. “Herkauwen vergt tijd,” mompelt hij. “Mijn wieg stond in het verkeerde huis.”

Melk wordt zuur van langdurig disharmonisch toeteren: de kaken van de koe vallen stil. Heel even stokt de wereld, alles helt over. De koe maakt aanstalten en staat een paar tellen later op haar poten. De jongeman richt zich tot de hemel en kneedt met beide handen zijn gezicht. Het stel op leeftijd zit alweer en trekt de portieren dicht.

De koe loopt naar de berm en beweegt het uiteinde van het touw om haar nek met hoofdschudden over het gezicht van de eigenaar. Hij weet zeker dat ze loeide over een wieg en dat die onmogelijk in een verkeerd huis kan staan. De auto’s stuiven naar de horizon van beide uiteinden van de weg. “Welke kant op?” vraagt de eigenaar.
terug

debiele

symfonie