Op knoppen drukken

- 03 October 2018 door Edwin Timmers -

Hoe lok je kinderen naar je tent? Een bizarre vraag. Ze kwam in me op in een museum met heel veel indrukbare knoppen. Kinderen, misschien wel honderd, stoven er joelend van knop naar knop. Volstrekt begrijpelijk: kindervingers kunnen de verleiding die van knoppen uitgaat niet weerstaan. Het deed me denken aan carnaval in de seventies.
Mijn ouders doken indertijd steevast diep in het carnavalsgebeuren. Ik was een jaar of zeven, veel weet ik er niet meer van. We woonden in het buitengebied aan een bosrand, op krap een kilometer van de kroeg. De vooruitgang had wandelen getransformeerd in autoritjes. Te voet naar het café was passé. Drinken en rijden was nog niet strikt gescheiden. In cowboypak zat ik op de achterbank, tussen mijn indianenzus en Zorro-broer. Zo gauw we de kroeg binnenstapten werden we aan ons lot overgelaten. Ik haatte dronken mensen vanwege hun hijgerige aandacht op verkeerde momenten, dus renden we de tijd stuk. Met broer en zus zocht ik urenlang naar bierviltjes te midden van het lallende volk. De stapel groeide en groeide totdat ik tegen een wonderschone machine opbotste. Een jukebox, wist mijn wijze zus.

De muziek in de kroeg kwam niet uit de jukebox. Die tijd was voorbij. Muziek klonk voortaan uit hifi-sets. Maar dat deerde niet, want de jukebox had knoppen die hard klakten als je ze indrukte, een sensatie. Elke knop had een uitnodigende uitholling waarin precies een vingertop paste. De knoppen vroegen erom om ingedrukt te worden. Al snel had ik door dat elke schijf vinyl achter de glasplaat een code had. Ik typte hele reeksen code op de toetsen.

De vloer was nat en vuil en het reeds uitgedunde publiek slap als een klamme schoteldoek, toen een ketsdronken vrouwpersoon me opeens begon te bemoederen. Of ik de jukebox leuk vond en meer van dat soort onzinnige vragen. Ze zou de uitbater vragen of het ding even aan mocht. Het mocht. De uitbater bracht de machine met een knop aan de achterkant tot leven. Het zatte mens gaf me een paar kwartjes. Ik mocht kiezen. Omdat ik geen muziek kende koos ik voor de titel ‘Den Uyl is in den olie’. Een rare titel, want waarom zou een uil in olie zitten? Een uil zit op een tak, hoog in een boom. Ik hoopte dat het liedje antwoord zou geven. Ik drukte de juiste code in en meteen daarop begon het binnenwerk van de jukebox te bewegen. Prachtige hoekige bewegingen, schutterig, aandoenlijk onbeholpen als een revaliderende bejaarde.

Het liedje gaf geen antwoord op mijn vraag. Ik was het deuntje al beu lang voordat het was afgelopen. De vrouw spoorde me aan om nog een code in te drukken, liefst een andere. Met plezier deed ik wat ze van me verlangde en opnieuw genoot ik van het mechanische ballet in het inwendige van de machine dat ik met mijn vingertoppen in werking had gesteld.
terug

indianen zus

en

zorro broer