Pas op je tellen

- 22 February 2018 door Edwin Timmers -

Meten is weten, maar weet wat je meet. Als je data wilt verzamelen, zorg er dan voor dat je data verzamelt die je wilt hebben. Een open deur wellicht. Een fragment uit de heftige televisieserie The Vietnam War bewijst dat verzamelwoede extreem dodelijk kan zijn.
Ik kreeg de serie op een USB-stick. Vat ik het gebodene samen, dan staat er zestien uur ellende op een stokje. Waarom doe ik mezelf dit aan? Hoe pervers het ook mag klinken: ik doe het mezelf met plezier aan. De serie slokt me op.

De Vietnamoorlog is de afgelopen veertig jaar tot een tragedie van mythische proportie opgeblazen. Het is verworden tot een complexe kluwen van verhalen over goed en kwaad, over politieke misrekening en misleiding, over ideologie en misbruik van media, over moord en brand en nog veel meer. Het laatste woord over deze oorlog zal, vergelijkbaar met klassieke mythen, nooit gezegd zijn.
Spoedig na aanvang wilde de USA weten of het een beetje opschoot, geen belachelijke wens gezien de aard van het conflict – een guerillaoorlog zonder frontlinie. Men besloot de dodelijke slachtoffers te gaan tellen: de zogenaamde bodycount. Gestreefd werd naar een ‘kill ratio’ van 10:1, oftewel: voor elke dode Amerikaan minstens tien communistische Vietcongstrijders. Het probleem was echter dat het onderscheid tussen een Vietcongstrijder en een Vietnamees burger vaak niet te maken was. Dit leidde tot doden naar willekeur. Bodycount was en is een afschuwelijke overschatting van de statistiek als middel om de vorderingen in een oorlog te meten. Dat bodycount gekoppeld was aan promotiekansen maakte tegelijk de tellingen niet betrouwbaarder en het doden profijtelijker. Een legeradviseur vat deze praktijk niet zonder misprijzen samen:

“If you can’t count what’s important, make important what you could count.”

Amerika wou het communisme de wereld uit hebben. Hoe weet je of dat doel in zicht is? Communisme laat zich namelijk niet meten. Maar dode communisten wel, besloot de regering, die waarlijk meende de communistische ideologie uit te wissen met het vermoorden van een paar miljoen belijders.

Moet je dan nooit iets meten? Natuurlijk wel, hoewel een kritisch oog altijd nodig is. Een voorbeeld. Tegenwoordig moeten basisscholen met elkaar concurreren. Dit alleen al is absurd, maar het is nog absurder als je bedenkt dat scholen tegen elkaar worden opgezet in ‘ratings’ op basis van gemiddelde Cito-scores. Wat als jouw school mensen moet ontslaan omdat je vreest dat minder kinderen worden aangemeld vanwege een lagere Cito-score? Juist, dan probeer je de Cito-score op te krikken. De mens is creatief genoeg om dat voor elkaar te krijgen. Iedereen blij op de korte termijn.
terug

termijn

denken

??