Spinvis in de Kersouwe

- 29 June 2017 door Edwin Timmers -

Waar was je toen je vernam dat twee vliegtuigen zich in de Twin Towers hadden geboord? Ik weet het nog goed. Ik zat aan een bureau en typte het rapport van een bodemonderzoek. Mijn toenmalige collega tegenover me zette de radio harder.
Aan datzelfde bureau zat ik toen ik voor het eerst Spinvis hoorde. De radio ging dit keer niet harder. Was ook niet nodig, want het kwam toch wel binnen. Sterker nog, de eerste regels sloegen in als een bom:

‘Ik ben een vrouw van veertig met een sigaret / ik heb een buitenaardse stof in mijn bloed.’

De rammelige sound was precies waarnaar ik in die tijd verlangde en de fluitsolo die het liedje in tweeën deelt, promoveerde me vanuit het niets tot Spinvis-fan. Twee dagen later kocht ik het debuut op cd en het zou niet de laatste keer zijn dat ik de cd kocht. Misschien heb ik er wel tien weggegeven. Wat goed is, moet gehoord worden.

In Heeswijks natuurtheater de Kersouwe zag ik Spinvis voor het eerst live. De Kersouwe heeft twee podia in de openlucht, allebei halve amfitheaters, allebei midden in een bos. Het kleinste biedt plaats aan een vijfhonderdkoppig publiek. Hier zag ik Spinvis met zijn band.

Het regende toen ik plaatsnam op de tribune. Een medewerker van het theater liep het podium op en verzekerde het in regenkleding gestoken publiek dat het volgens een weerwebsite over een kwartier droog zou zijn. Of we nog zo lang wilden wachten.

Een kwartier later was het droog. Iedereen was er nog. De schemer had reeds ingezet, maar de zon spande zich tot het uiterste in om zolang het nog kon zoveel mogelijk licht en warmte door het lover te gooien. Vogels zongen reeds hun laatste lied. In deze fabelachtige sfeer verscheen de medewerker opnieuw op het podium, breed grijnzend nu. Hij kondigde de band aan: ‘Spinvis!!!’. Hierna nam Erik de Jong (de songschrijver) met zes of zeven andere muzikanten het publiek mee in een zowat twee uur durende muzikale trip. Wat was dit ongelooflijk goed! Af en toe, in de stilte tussen twee liedjes, had een vogeltje dat de slaap niet kon vatten kort gekwinkeleerd. En het was droog gebleven.

In april verscheen Trein Vuur Dageraad, de nieuwe Spinvis, een prachtplaat. De ogen droog houden tijdens Tienduizend Zwaluwen is een haast onmogelijke opgave. Zou een leuke wedstrijd zijn: wie houdt zijn ogen het langst droog tijdens Tienduizend Zwaluwen. Misschien wel het allermooiste Spinvisliedje komt erna: Stefan en Lisette, dat bijna zeven minuten duurt en geen milliseconde verveelt. Bijzonder, gezien de bescheiden melodische variatie. Hier toont zich de hand van een meester.

Een nonchalant aarzelend piano-intro loopt met een paar verdwaalde tonen uit in het liedje dat luttele seconden daarvoor met beat en al werd opgestart. Eric de Jong legt de tragikomische tekst spreekzingend op de begeleiding. Een genot om hem de woorden te horen uitstrooien. Het liedje is een trein, de luisteraar zit in een van de wagons. Nog geen vier minuten boemelen verder tilt een zonnige trompetsolo de luisteraar de coupe uit. Even vlieg je over het landschap dat Spinvis in de minuten daarvoor geschapen heeft. Veilig terug in de coupe schrik je van je eigen gelukzalige lach. De vertellende zanger roept weer woorden aan als spoken.

Ze groeien als kolen. Wat waren ze klein. Hun snotneuzen trilden. We zagen elkaar, soms vaak, al langer steeds minder. We missen het niet. Ik wil het geloven. De pen doet zijn werk. De mussen, ze schreeuwen. Maar. Hoe zal ik het zeggen? Lood om oud ijzer, want zullen we, dan toch maar, beter, afspreken?

Op zaterdag 1 juli aanstaande speelt Spinvis met grote band in Natuurtheater de Kersouwe, midden in de bossen, wat alleen al geweldig is. Neem gerust een regenjas mee. Je zult ‘m niet nodig hebben als Spinvis speelt, want dan schijnt de zon.
terug

dichterlijke

vrijheid