Theater van de volle grond

- 25 October 2017 door Edwin Timmers -

Tussen Den Bosch, Vught en Sint-Michielsgestel ligt een landschap dat werkt als een tijdmachine. Een licht glooiend lapjesdeken van kleine akkers en weiden, doorregen met hagen, bezaaid met solitaire eiken en omzoomd door loofbos. Als je je ogen een beetje dichtknijpt en je fantasie de ruimte geeft, zie je misschien ook dat oersterke paard voren trekken in groenig braakland.
Ik fietste al vaker door het gebied, maar nog nooit vanuit de oostkant over de Vogelenzang. Het gebied ligt aan de westzijde tegen rivier De Dommel. Via de Vogelenzang rijd je dus een rivierdal in en omdat je alzo van het hoogste naar het laagste punt fietst, ontvouwt zich het majestueuze landschap in volle glooiende glorie. Ik overdrijf niet als ik zeg dat ik door overweldiging bijna van mijn fiets viel.

In augustus fietste ik er voor het eerst, maar niet zonder reden. In de programmafolder van het Bossche theaterfestival Boulevard las ik dat hier ergens het toneelstuk van de Belgische theatergroep Orka gespeeld zou gaan worden. Deze groep zag ik al vaker en ik wou ze weer zien. Hun voorstellingen barsten bijna van de theatervondsten, een feest voor de zintuigen en de geest. Er wordt door modder geklost en met water gegooid. Het decor en de rekwisieten worden niet gespaard. Ruig theater, zorgvuldig georkestreerde chaos.

Toch weet de groep doorheen alle drukte en gedoe te ontroeren. Het publiek lacht, schrikt, verbaast en verwondert zich. Stiekem pinkt menig toeschouwer zo nu en dan een traantje weg. De kleine groep van uiterst bedreven en gedreven acteurs neemt het publiek vanaf de eerste tel mee in hun vaak kinderlijk eenvoudige vertelling. Na hun voorstellingen voel ik me een met ervaring verzadigd wijnvat, dan ben ik heel even weer dat kleine jongetje dat iets groots heeft meegemaakt. Deze groep zou dus spelen in dit landschap.

Vogelenzang komt uit op de Wolfsdreef, die ik rechts insloeg. Even voorbij een eenzaam voetbalveld van een buurtclub hoorde ik de geluiden van een generator en bouwwerkzaamheden. Die kant moest ik op. De Wolfsdreef ging over in een zandpad. Een paar honderd meter verder stond reeds een tribune aan het pad, midden in het landschap. Aan de andere kant van het pad was een groot gat gegraven. Een tiental mensen werkten zich het zweet op het voorhoofd. Ik nam het geheel in me op en fietste verder.

Een paar dagen later was het zover. In een ramvolle bus reden we rond acht uur ’s avonds vanaf het festivalterrein op de Parade in Den Bosch naar de Wolfsdreef. De stemming was opperbest, de voorstelling uitverkocht. Tegenover de tribune stond plots een zes meter hoog huis met plat dak op een grondplan van zo’n zeven bij zeven meter. Dit huis zou de spil van de voorstelling zijn. Naast me zat een wat stuurse man die waarschijnlijk liever thuis was gebleven om het gras te maaien. Zijn vrouw was blij dat ze hier was.

Het voert te ver om hier het hele stuk uit de doeken te doen. Daarom, kort samengevat: het was prachtig. Tegen het einde had een van de vier acteurs een lange, beeldende en ontroerende monoloog. Het werd muisstil op de tribune. Velen in het publiek zaten zich te verbijten, anderen zochten naar zakdoekjes. De man naast me hoorde ik slikken, zijn vrouw liet de tranen gewoon stromen. Theater is kunst. Pats, de diep roerende monoloog werd afgebroken met slapstick. En jawel, de man naast me was eindelijk ontdooid. Hij schokschouderde van het lachen.

De zon begon te zakken, het licht kreeg een honingachtige kwaliteit. Zachte weemoed stroomde door de aderen van het publiek. Het huis begon in de grond te zakken. Een paar minuten later was het door de aarde opgeslokt. Het stuk was uit. Het publiek wist niet hoe het zijn applaus moest stoppen, dus ging er maar mee door, minutenlang.

Theatergroep Orka, onthoud die naam. Begin bij hen als je niet weet waar te beginnen als het over theater gaat. Een keer zien en je bent verslingerd.
terug

je

bent

zo

verslingerd