20160411-blog-horeca-interieur-gewoonte.jpg
Sandwichvaria
- 4 april 2019 door Edwin -
Rotterdam telt meer dan honderdzeventig nationaliteiten. Op de parkeerplaats van restaurant De Lucht aan de A59 ter hoogte van Geffen tel ik er slechts zeven, afgaande op de nummerplaten van de geparkeerde vrachtauto's. Rusland, Portugal, Spanje, Belgie, Roemenië, Bulgarije en Nederland. Zeven is geen honderdzeventig. Toch geven vreemde nummerplaten op een verzorgingsplaats, zoals een snelwegparking officieel heet, me het gevoel ver van huis te zijn, de troosteloze kant van het vakantiegevoel. Ik woon trouwens op tien kilometer van Geffen.

Ooit was de De Lucht bij Geffen een wegrestaurant. De naam staat nog immer in strakke schreefloze neonletters op de voorgevel. Nu zijn er een Subway en een Burger King in ondergebracht. Ze delen de hoofdingang en de toiletgroep. Het is niet verrassend fastfoodketens langs internationale snelwegen aan te treffen. Net als autoverkeer zijn ze grenzeloos, principieel niet gebonden aan één land. Snelweg, verzorgingsplaats en fastfoodketen (of quickservicezaak) zijn onderdeel van hetzelfde systeem: een snelle doorstroming van materie.

Op de parkeerplaats staan meerdere mensen te roken bij hun auto of leunend tegen hun auto. Dit zijn de mensen waarvan de partner geen rooklucht in de auto duldt. De vrachtauto’s hebben slaapcabines, van de buitenwereld afgesloten middels donkere gordijntjes rondom, waarin de globetrotters pitten en masturberen. Contact met thuis onderhouden ze met hun mobiele telefoon. Van een vrachtwagen draait een luidruchtige koelmotor. Een constante stevige achtergrondruis die de slapende chauffeurs beschermt tegen plots piekend omgevingsgeluid.

Bij de hoofdingang rechtdoor kom je bij de toiletten, rechts ga je naar de Burger King en links naar de Subway. Ik kies voor de laatste omdat daar niemand zit. Bij de counter kijkt een jonge vrouw met een haarband in de Subwaykleuren me strak aan, klaar voor mijn aanval. Ze hebben geen taartjes, wel koeken voor bij de koffie. Mijn koek wordt in een papieren zakje gestopt en mijn koffie in een stansgedrukte beker getapt. Ik loop ermee naar een tafeltje vanwaar ik ook zicht heb op de Burger King. Daar zit iemand dromerig een paar hamburgers naar binnen te werken.

Ik hoor muntgeld tegen hout tikken. In het halletje voor de toiletgroep staat een gokkast. Een breedgeschouderde man met een knotje op zijn achterhoofd zit met de helft van zijn billen op een barkruk bij de gokkast. Hij draagt een zwarte sweater, met drie witte parallelle strepen over de lengte van de mouwen, op een zwarte joggingbroek. Zijn voeten steken in zwarte slippers. Gemakkelijke kleding van vermoedelijk een Oost-Europese chauffeur. Gokkasten spreken een universele taal. Iedereen, ongeacht het land van herkomst, krijgt de apparaten aan de praat. Ik hoef geen cursus te volgen om op een gokkast in Roemenië te spelen. Een vergelijkbare universele taal probeert de Subway, evenals McDonalds en Burger King, te spreken. In Italië kan ik dezelfde sandwich eten als hier in Geffen. De bediendes leiden je door het beslismodel. Bruin of wit? Met sla en tomaat? Met of zonder saus? Iets te drinken erbij? Subway noemt zijn broodjesbereiders Sandwich Artists, een naam die alleen een wereldvreemde manager bedenken kan.

Er liggen kruimels en propjes sla op mijn tafel. Zes van de negen tafels zijn niet afgedaan. Ach, het zijn maar kruimels en bovendien kan één bediende niet alles alleen doen.

Een jongeman in joggingbroek en een lange grijze gebreide vest komt binnen en begint opgewekt samen met de bediende het beslismodel door te lopen. De jongeman spreekt als een drag queen, als een pubermeisje met de baard in de keel. Als zijn bestelling klaar is, neemt hij deze mee. Eten in de auto, ook al zoiets. Snel rijden, snel eten. Het afval ontstaat feitelijk dankzij de wandeling van counter naar auto. Of, in mijn geval, van counter naar een tafeltje vijf meter verderop.

Buiten hangt een gescheurde vlag aan een vlaggenmast. Een paar algengroene stoeptegels nabij de ingang zijn verzakt. Vegan Supreme schreeuwt een reclamebord; vleesloos is hot. Ik denk aan een vriend van me. Aan wat hij ooit zei over McDonalds, zijn favoriete restaurant, simpelweg omdat hun gerechten overal ter wereld dezelfde zijn, je weet wat je gaat krijgen. Een opmerkelijke favoriet voor iemand die veel geld uitgeeft in poepsjieke restaurants.

De klant bij de Burger King vertrekt. Lopende veegt hij zijn mondhoeken schoon met een wit servet. Ik zit alleen, net zo alleen als de drag queen in de auto. Twee coole kunstgrasleggers stappen opzichtig binnen. Ze hebben flink gepresteerd vandaag, hun meters plastic sprietmatten ruim binnen de geoffreerde tijd gelegd. Ze voelen zich goed, beter zelfs dan ander loslopend mensvolk. Smalend bekijken ze de bediende. Ze bestellen sandwichvaria voor 34 euro en gaan een paar tafeltjes bij me vandaan zitten.

Nu staan er opeens drie medewerkers achter de counter. De jongeman van het drietal draagt een baseballcap in Subwaykleuren. Ze hebben personeelslolletjes. De gokker loopt naar buiten. Zijn in een punt uitlopende baard bedekt zowat zijn hele gezicht. Hij sloft op zijn slippers. De medewerker met de baseballcap neemt plaats aan een tafeltje naast me en begint te klikken en tikken op een laptop. Vanuit de Burger King komt de derde kunstgraslegger aanlopen. Hij sluit zich aan bij zijn collega’s. De grasgiganten kijken onderoogs naar de medewerker achter de laptop. “Pikkie,” zegt een van hen. De gokker is weer terug. Verse euro’s rollen hamerend de kast in. Nieuwe kansen op verlies.

“Mag ik even bij je komen zitten?” Een meisje van de bediening meldt zich bij de medewerker achter de laptop. Ze mag gaan zitten, maar eerst moet hij nog een paar tikken en klikken uitvoeren. Ze wacht terwijl hij tikt en klikt. Nu mag ze gaan zitten. “Vertel!” Ze heeft een probleempje met de planning en ze heeft erover nagedacht, dat wil zeggen, ze heeft een argument dat haar probleempje promoveert tot probleem. De jongeman praat het probleem met een paar woorden terug tot formaat behapbaar en komt met een oplossing. Precies de juiste oplossing. Het meisje zegt dankjewel en loopt terug naar haar counter. Op dat moment stapt een vierde medewerker vanuit de keuken binnen. Vier man personeel en toch kruimels op tafel. Mijn koek was lekker. Ik vouw het papieren zakje op en veeg de minuscule koekrestjes van tafel. “Ka-tak-ka-tak-ka-tak!” klinkt het vanuit het halletje bij de toiletten. De gokkast geeft, de gokker blijft. Masturberen is goedkoper.




een
opmerkelijke
favoriet
menu