The Record Hustler: een interieur op 33 toeren

- 01 December 2020 door John van Niftrik -

Met het hoofd vol wissewasjes de geschenkenmaand in gewaaid. De kinderen het huis uit. Maar op 5 december komen ze, met aanhang, even terug. Ik heb zin om de sinterklaas uit te hangen. In een beperkt kader welteverstaan, dat houdt het overzichtelijk. Muziek op vinyl wil ik ze geven. Online bestellen staat me steeds meer tegen. Dat associërend gesurf vind ik te tijdrovend. Die tijd steek ik liever in een boek. Ik wil door levensechte platenbakken zeilen. Eerst deed ik dat wekelijks. Tegenwoordig sporadisch. Maar dat geeft niet, want je verleert het niet. Net als zwemmen. Het is zaterdag, vroeg in de middag. Ik moest maar eens gaan.

Den Bosch heeft vier platenzaken voor zover ik weet. Drie daarvan heb ik nog nooit bezocht omdat ik altijd naar The Record Hustler aan het Hinthamereinde ga. Zo ook vandaag. Een zaak naar mijn hart, een sfeervolle Aldi: alleen het product telt, verder geen ge-eikel. Geen marketingstrategieën, geen displays, geen leugens, nee, wel platen in dozen en bakken vanaf de grond tot aan het plafond. Er zijn keukentrapjes om in de bovenste bakken te neuzen. Het is in beginsel de eigenaar die deze zaak sympathiek maakt. Hij is altijd blij, voor hem is het elke dag sinterklaas. Van kinds af aan een metalman (grote liefde: Iron Maiden), maar door zijn inkoopwoede thuis geraakt in zowat elk genre. Vindt hij een genre niks, dan zegt hij dat hij er niet zo goed in thuis is. Hij zegt niet dat hij het niks vindt, want de ervaring leerde hem dat dat zomaar kan veranderen.

Het valt me op dat ik sta te drentelen bij mijn fiets. Ik heb er zo’n zin in. Gauw naar binnen. De eigenaar heet Pierre, dat weet ik van internet. We hebben elkaars naam nog nooit nodig gehad. We zeggen gewoon hoi.
“Hoi,” zeg ik. “Hoi,” zegt Pierre met een zonnig gezicht vanachter de verfrissend rommelige balie. Ik vertel hem wat ik kom doen. Hij had al een beetje voorzien dat ik voor platen kom. Zijn uitleg over hoe de platen geordend zijn – op alfabet, Frank Zappa staat bij de F – kan ik volgen, maar echt snappen doe ik het niet. Ik zie namelijk verspreid over de enorme winkel meerdere bakken met dezelfde letter. Je moet ergens beginnen, dus ik begin bij de bakken achterin. “Prima,” zegt hij. “Dan kom ik zo de koffie brengen.”

Ik doe een stapje opzij voor Pierres vriendin die op hoge snelheid door de winkel kruist om platen voor bestellingen via internet te verzamelen. Ze blaast rook uit. Pierre zet mijn bekertje koffie op een plastic geïntegreerd hifi-setje. Mijn handen vermaken zich best in de bakken. Al bladerende kom ik op ideeën. Mijn dochter belandde via techno in de disco. Van disco ging het naar Motown, van Motown naar soul, van soul naar sixties girlgroups en sinds kort verkent ze jazz groove waardoor ze een draadje oppikte naar bossanova. Nu is ze fan van Astrud Gilberto. Ik ga op zoek naar de live-plaat van Astrud met Stan Getz.

Achter de balie heeft Pierre een plaat opgezet, goed hard. Een interessant chaotisch intro en dan een flinke vrouwenstem op een bobbelige beat. De stem wordt soms vervormd door elektronica. Naast me staat een vriendelijke en praatbereide man in de bakken te kijken. Hij zou een medewerker kunnen zijn. Zijn geruste spreektrant doet het voorkomen alsof hij hier thuis is. Een jonge vrouw komt gelopen en vraagt me of ik iets specifieks zoek. “Stan Getz,” zeg ik. Ze neemt me mee naar een hoge bak, zet er een trapje voor en laat me weer alleen. Aardig wat Getz, maar niet de plaat die ik zoek. De vrouwenstem van de plaat gaat ondertussen helemaal los. Dit is geweldig. Ik daal het trapje af en loop naar de balie om er achter te komen dat Annette Peacock de zangeres is, op haar debuut uit 1972. “Je kunt wel stellen dat die dame last van moodswings heeft,” zegt de behulpzame jonge vrouw, turend naar een scherm achter de balie. Alle muziek zou gebaat zijn bij zo’n expressie van moodswings, denk ik. Kippenvel nondeju. Dat ik dat nog heb. “Je Getz gevonden,” vraagt de jonge vrouw. Ze weet meteen welke ik zoek. “We hebben er twee, een oude, licht bekrast, en een gave nieuwe.” Ik ga voor de oude. Er mag best wat leven in zitten.

Iedereen bemoeit zich hier op een niet opdringerige manier met elkaar. Een mooie jongeman aan de balie met licht krullend haar en een fijn gekapt sikkebaardje mengt zich met een paar losse opmerkingen in het gesprek. Het is hier nog gezellig ook. Dit is een uitje, een verzetje in schrale tijden. Ik duik de bakken weer in en Pierre zet een plaat van Love op, hun vijfde, Out Here. Alweer een plaat die luid en duidelijk zijn ding doet. Ik en mijn gehoorszenuwen liggen vandaag op een lijn. De potige ballad Signed D.C. hoort bovenin de top 2000, mag die lijst zelfs vervangen, of niet, ach, wat maakt het uit, ik heb het naar mijn zin.

Pierre steekt de hoes van Annette Peacocks plaat in de lucht. Het is een collectable, voor 75 euro is ‘ie de mijne. Ik pas en weet direct zeker dat ik daar spijt van ga krijgen. Spijt is lekker.
Goed, hoe moet je je The Record Hustler voorstellen, het interieur? De ruimte is groot en diep als een kleine supermarkt, hoewel een tikje labyrintisch door het gangenstelsel dat bakken, dozen en schappen vormen. De belichting is wat die is, veel wit, soms neigend naar geel. Systeemplafond en tapijttegels – vermoed ik – op de grond. Tof, bescheiden volk met een prettige mate van aanwezigheid, wat een verdienste van Pierre en zijn ontwapenende gastvrijheid is.

Met elf platen sta ik bij de kassa. Pierre legt De Glimlach Van Een Kind van Willy Alberti op de draaitafel. We genieten ervan, want ook dit is goed. “Had ik nooit kunnen vermoeden,” zegt Pierre. “Ik ben in de kroeg hier aan de overkant opgegroeid. Met dit repertoire. Nu pas kan ik het waarderen. Ik zou er zo bij kunnen janken.” De pinautomaat vindt mijn betaling okay. “Dan gaan we toch mooi samen janken,” zeg ik, en baan me zwaaiend een weg naar buiten. Sinterklaas stapt op zijn fiets.

terug

het

is

een

collectable

Inspiratie voor je interieur Duurzaam interieur Hergebruik Verhalen aan de bar Gastvrijheid terug