Bar Becoloth Boxtel: Verloren tijd

- 08 July 2020 door Edwin Timmers -

Het Waalwijkse Café Centraal ging in 2018, na ruim een eeuw tappen en schenken, definitief op slot. Ik ben er nooit geweest, ik kwam het tegen in een fotoboek. De fotograaf legde het laatste jaar vast in stemmig zwart-wit. Ik herken het interieur, een interieur van het uitstervende soort. Veel donker gebeitst en geboend hout, tapijtjes op de tafels, een verzorgd interieur dat nauwelijks om aandacht vraagt. Ik had er graag een pintje gedronken.

Boxtel heeft Bar Becoloth. “In 1991 ingericht als oud Brabants café uit de jaren 30,” zegt de website. De foto’s op de site geven een ander tijdsbeeld dan het interieur van Café Centraal. Ik schat dat het interieur van Centraal uit de vijftiger of zestiger jaren stamt. “Gewoon laten zoals het altijd is geweest,” zei uitbaatster Zus Leenheers over de inrichting van haar etablissement in een krantenartikel. “Met je handen ervan af blijven. Dat schijnt voor veel mensen heel moeilijk te zijn, die willen op tijd veranderen.” Maar je kunt een interieur ook terug in de tijd veranderen, bewijst Bar Becoloth. Of het werkt, wilde ik met eigen ogen zien.

Maandag rond lunchtijd, Bar Becoloth is nog dicht. Dit had ik kunnen verwachten. Dan maar wat door het centrum van Boxtel dwalen. Op Google Maps zoek ik naar bars en lunchooms. Mijn oog valt op Trots, een lunchroom die op een werkplaats lijkt. Lelijke naam trouwens. Rita Verdonk was trots op Nederland en misschien is ze dat nog steeds. Rita was een geradicaliseerde VVD’er en daarvoor moet je oppassen. Trots is trouwens ook gesloten. Tegenover, in een statig pand dat Het Hof heet, zit De Rechter, een naar chique neigende zaak aan De Dommel, het schattige riviertje dat door Boxtel stroomt. De Rechter heeft binnen geen plek voor mij. Was er geen corona, dan had ik er bij gekund. Door het raam kijk ik nog gauw even naar binnen. Drie vrouwen met lang golvend haar waarop een zonnebril rust leggen nagenoeg tegelijkertijd een nat theezakje, bungelend aan een dun draadje, op een schoteltje. Zou het een ritueel zijn, ik bedoel, brengt een zonnebril op een duur gekapte haardos geluk? Ook aan De Dommel zit koffiebar Meneer van Dommelen. Een functioneel bouwwerk van geschakelde en gestapelde blokvormen op een mooie plek, deels onder hoge bomen. Het interieur is wat veilig. Een speelsere of vrijere inrichting – meer punk – zou deze zaak tot een trekpleister kunnen maken. Meneer van Dommelen slaapt nog, dus ik ga weer verder.

Verdwalen is moeilijk in het centrum van Boxtel, want groot is het niet. Desondanks staan er veel fraaie panden, waarvan enkele eeuwen oud. In totaal telt dit middelgrote dorp zo’n 300 monumenten. Een aantal daarvan op de markt. En op de markt kom je telkens weer uit. Veel kroegen en eettenten aan dit smalle, langgerekte plein. Op het terras van eetcafé Le Temps Perdu zie ik een paar bezette tafels. Gasten werken als een magneet op potentiele gasten. Volgens mij werkt dat zo, of anders gezegd: ik trap er in.

Omdat ik mijn nieuwsgierigheid niet kan bedwingen loop ik strak achter de serveerster aan naar binnen. Ze schrikt van me. Ik stel haar gerust met de vraag of ik even rond mag kijken. “Prima hoor!” antwoordt ze flink. Het is er vol. Vol met spullen. Een knusse ratjetoe aan stijlen. Een pracht van een bar, dat eerst, een beetje taps oplopend vanaf de grond, met verticale latten betimmerd en met een bronzen lijst. Verder een zwaar belopen houten vloer, houten tafels en stoelen, platenhoezen van reeds lang vergeten artiesten tegen de wanden van een ruime nis op een verhoging en een esoterisch huiselijk achterkamertje. De zaak houdt het midden tussen een mancave, een sportkantine en een typische binnenstadskroeg uit de hoogtijdagen van Simon Carmiggelt. Die goeie ouwe Simon. “Mag ik een koffie en een jonge klare?” vraag ik. “Een jonge wat?” reageert ze. “Een jonge jenever. Heb je die? En een koffie. Op het terras. Alsjeblieft.” Ze gaat het regelen.

Ik neem plaats op een kruk aan een hoge tafel bij het raam. Het terras ligt deels in de schaduw van een rij jonge platanen op de markt. Aan een lage tafel anderhalve meter verderop zitten vier meiden van ongeveer achttien jaar. Ze spelen een kaartspel en praten over dildo’s zonder daarbij de indruk te wekken dat ze dit stuk gereedschap interessant vinden. Wellicht zijn ze murw door dildoparty’s, die sinds enige tijd tot het standaardrepertoire horen in het proces van volwassenwording. Voorheen waren er slechts strippers voor de jongeman. Lapdances en tittiehugs, ik vond dat altijd behoorlijk gênant. Ben ook nooit naar de hoeren geweest. De jonge klare komt zalvend binnen op dit vroege middaguur. Ik zak weg in mijmeringen over lang geleden. Le Temps Perdu, de verloren tijd. Vijfendertig jaar geleden begon ik aan een MBO-opleiding in Boxtel. Was geen succes, had ik best mogen vergeten.

terug

ik

trap

er

in

Inspiratie voor je interieur Horeca interieur Verhalen uit de horeca Verhalen aan de bar Café interieur Bruin café terug