Plek in Nijmegen: interieurontwerper transformeert lege loods tot horeca-parel

- 20 October 2021 door Edwin Timmers -

In de drukke winkelstraten van stadscentra en in zijstraatjes van die straten; aan stranden, op kades, in boten en torens en oude treinwagons: horeca kan zich overal nestelen, dus ook in een voormalige houtloods aan de Nijmeegse Hatertseweg ver buiten het centrum.

Horeca nestelt zich overal en het is aan de interieurontwerper om er een trekpleister van te maken, om zijn kunde, kennis en creativiteit aan te wenden om een lege ruimte het aanzien te geven van de verenwaaier van een pauw. Toegegeven, niet alleen het interieur trekt volk, zeker ook het gebodene en een verhoogde staat van gastvrijheid maken nieuwsgierig via de buzz die van mond tot mond gaat. Vorige week bezocht ik een nieuw Nijmeegs café op een plek waar al eerder een café zat. Volgende week vertel ik over een plek die op wonderlijke wijze zeer in trek is, wonderlijk omdat er niet of nauwelijks een interieurontwerper aan te pas is gekomen en wonderlijk omdat het interieur de uitstraling heeft van een ruw opgedirkte gymzaal. Vandaag bezoek ik een plek die Plek genoemd is en die mij toont wat interieurontwerp vermag. Kort samengevat: ik ben onder de indruk.

Restaurant Plek (voluit Plek NMGN) is ondergebracht in een deel van een loods op een voormalige houtwerf. Enkele jaren geleden kreeg de houtwerf het stempel creatieve broedplaats en veranderden de initiatiefnemers de kleine letter h in een hoofdletter: de Houtwerf was een feit. Het eerste wat me opvalt als ik de werf oploop, is dat het geheel het begrip broedplaats al voorbij is. De zaken (en een dependance van een bouwopleiding) die er gevestigd zijn, maken een gesettelde indruk. Het rafelige onaffe dat dergelijke broedplaatsen kenmerkt, is hier goeddeels verdwenen. Maar dat is geen oordeel. De Houtwerf is een bezoek zeker waard.

Tover jezelf een lege loods voor de geest. Je ziet gemetselde muren van kalkzandsteen, een sterk verweerde betonvloer, houten spanten, gordingen en dakbeschot, en een nok op zo’n zeven meter hoogte. Het galmt er. De binnenmuren zijn niet gevoegd, wat begrijpelijk is omdat de ruimte louter functioneel was, dat wil zeggen: niet voor het gretige oog, maar voor de opslag van hout in schappen. De interieurontwerper moffelde deze oude ‘industriële’ kenmerken niet weg en heeft toch een zeer intieme en chique sfeer weten te creëren zonder zijn speelse imborst te verraden.

Centraal in de ruimte staat een schitterende ovalen bar. Tegen de bar is een strook transparante golfplaat bevestigd. Deze strook wordt van boven en van onder verlicht met groene led-strips. Prachtig. De goudkleurige opbouw volgt de ovalen contour van de bar en heeft een drankenrek op reikhoogte. Het barblad is van antracietkleurig natuursteen, wit dooraderd. De bar dobbert fier als een trekschuitje in de ruimte en is een van de vier sferen van Plek.

Links van de entree bevindt zich een ietwat klassieker eetgedeelte, de tweede sfeer. Het klassieke zit ‘m in het meubilair dat wat betreft vormgeving en kleur naar kitsch neigt. Maar het werkt. Dit eetgedeelte is op ingenieuze wijze in twee delen opgesplitst middels een viertal bordeauxrode houten panelen die aan een rail hangen en dus verschuifbaar zijn. Deze panelen suggereren een scheiding van de verhoogde ruimte erachter waarin een lange eettafel staat. Het geheel heeft iets Oosters, knipoogt op Westers postmoderne wijze naar het aloude Chinese restaurant. Tegen de muur erboven is een enorme zwart-wit-illustratie aangebracht. Een illustratie die tegelijk een zoekplaatje is. De ontwerper heeft de P van Plek als richtinggevend voor de illustratie en het interieur ingezet. Op de illustratie staan allemaal objecten waarvan de naam begint met een p: pinguïn, pin-up, piratenschip, enzovoorts. Boven de gang die naar de toiletten leidt hangt het woord plee, een muur bij een zitje naast de entree is pink (roze) gelatext en vanaf een stellage rechts in de ruimte kijkt een porseleinen pig (varken) me hoogmoedig aan alsof het zeggen wil: “Pak me dan!”

De derde sfeer van Plek bevindt zich onder de stellage. Deze hoek heeft een meer lounge-achtige uitstraling vanwege de dikkige banken van geschuurd bruin leer. De banken staan op een verhoging. Het valt me telkens weer op dat verhogingen, ofwel verticaliteit als ontwerpcriterium, erg goed uitpakken omdat ze de monotonie vermorzelen. Verticaliteit brengt boeiende spanning in de ruimte, is een van de medicijnen tegen saaiheid.

Achterin, de ruimte net voor de open keuken, bevindt zich de vierde sfeer, die iets Scandinavisch heeft, een Ikea-mood voor gevorderden. De lage wand die de keuken van de eetruimte scheidt is voorzien van zwarte en witte tegels in visgraatmotief. Voor deze wand ligt een strook witte tegels met een sierlijk groen krulmotief. Boven de gehele opening in de wand, waardoorheen de koks zijn te zien, staat een lichtgrijze bak waarin stevige bossen siergras staan.

Ik vroeg iemand mee om naar Plek te gaan. Samen genieten van een interieur, dat me via foto’s op de website lekker had gemaakt, bij een lunch en een speciaalbier. Het gesprek verliep met horten en stoten en dat lag aan mij. Het interieur, de details, eisten zowat al mijn aandacht op. Ik wilde doorgronden hoe de interieurbouwer de kale loods had weten om te toveren tot dit bijzonder smakelijke geheel aan sferen. Mijn tafelgenoot begreep het, denk ik. Ze voelde zich in ieder geval zichtbaar op haar gemak en bovendien was de rekening voor mij.

terug

genieten

van

een

interieur

Inspiratie voor je interieur Horeca interieur Hergebruik Cradle To Cradle Beleving in de horeca Circulaire interieurs Gastvrijheid terug