Eetbar Aards: met een poëtisch interieur van Tribe

- 19 November 2021 door Edwin Timmers -

Berkel-Enschot is een horecazaak rijker. Letterlijk rijker, want Eetbar & Wijnwinkel Aards is een heuse aanwinst. Tribe ontwierp en bouwde het interieur. Je mag zeggen dat ik voor eigen parochie preek als ik beweer dat het interieur van Aards er een is om je vingers bij af te likken. Toch zeg ik het. “Herken je er iets van Tribe in?” vroeg Chrissy, die de zaak samen met haar man Vic uitbaat. “Ja,” antwoorde ik. “O jawel. Jazeker. Nou en of.” Ik keek mijn ogen uit.

Aards ligt aan een plein tegenover de voormalige abdij Koningsoord. De abdij en de percelen eromheen in een paar jaar omgetoverd tot een woonwijk met een nieuw winkelcentrum. Aards zit in een van de panden van dat winkelcentrum. De buitenkant van alle panden zijn opgetrokken uit bakstenen in een rijk scala aan tinten. Binnen zijn de wanden en de plafonds bij oplevering van beton. Kale ruimtes, daar kan Tribe wel mee uit de voeten. Scheppen vanuit het niets. Poëzie.

Voordat ik Aards binnenstap, verken ik het plein. Voor de abdij is een verhoogd terras van een horecazaak die Hemels heet. Aards en Hemels liggen tegenover elkaar. Je hoeft alleen maar het plein over te steken om van de ene in de andere toestand te geraken. Dat Aards Aards heet, lijkt me dus geen toeval. Eenmaal binnen is dat het eerste wat ik Chrissy vraag. Ze vindt de tegenstelling aards-hemels ook een fraaie, maar de bedrijfsnaam komt er niet uit voort. Aards is in zekere zin een ode aan de schenkende aarde. Alles wat zij hun gasten op het bord of in het glas aanbieden, komt direct dan wel indirect van de aarde. Chrissy en Vic huldigen een aardse houding, die tegelijk voor een streven naar puur, eerlijk en duurzaam staat. Aarde, in de zin van bodem, zand, grond en klei (grofweg het minerale deel van de bol waarop wij onze tijd doorbrengen), is ook het vertrekpunt geweest voor de associaties van Tribe bij het ontwerpen bij het interieur. Dat begint al meteen bij de entree.

De dunne wand die de entree van het eetgedeelte scheidt is wit gestuukt met een ietsjes ruwere afwerking. In de verte heeft dit een mediterrane sfeer, niet in de laatste plaats door de flessenbodems die er als kijkglazen in verwerkt zijn. In het woord mediterraan zit het woord terra, dat aarde betekent. Wellicht een wat dunne associatie mijnerzijds, maar toch. De flessenbodems verwijzen natuurlijk naar de inpandige wijnwinkel, maar ook via bodem naar aarde. Simpel gezegd: gelijk in de entree landen we al op de aarde. Via een glazen deur met zwartstalen lijst ga je zaak binnen. Uiterst links staan stalen stellingen vol met flessen wijn; de wijnwinkel. Rechts is de eetbar. Achterin de open keuken en rechtsachter in de hoek de bar.

Aards heeft een hoog, dus niet verlaagd plafond, waarvan het beton en waarop de leidingen zichtbaar zijn. Om de inherent kille indruk van beton te neutraliseren, dient de ontwerper met warmte uit te pakken vanaf ooghoogte naar beneden. De vloer lijkt me van licht eikenhout te zijn, gelegd in visgraatmotief, en wint aan zachtheid in contrast met beton. Hoogte kan de beleving op twee manieren beïnvloeden. Een lagere ruimte wordt in het algemeen als knus ervaren en in een hoge ruimte kan men zich wel eens verloren voelen. Hoogte kan intimiderend zijn. Denk bijvoorbeeld aan de ontvangsthallen van landhuizen of overheidsgebouwen. Je voelt je er gelijk klein. Tegelijk kan hoogte bevrijdend uitpakken, ademruimte geven, zoals hier bij Aards, terwijl een (te) lage ruimte als bedrukkend kan worden ervaren. Een en ander hangt weer samen met de belichting en ook dat is zeer okay hier. Grote lampen uit bedrijfshallen. Door deze laag te hangen, valt hun onopgesmukte, want industriële design op. Puur design, zonder poeha, eerlijk en louter functioneel – wat overigens wel heel mooi kan zijn. Het niet verlagen van het plafond heeft dezelfde niet-gemaskeerde eerlijkheid. Aards.

De wand achter de bar is betegeld tot aan het plafond met glanzende okergele tegels. Heel erg mooi. Ertegen is een open stellingkast van fors en onbehandeld staal geplaatst. Boven de uitserveertafel in de keuken hangt vanaf het plafond een stellingkast in dezelfde robuuste stijl. Feitelijk zweeft deze stelling, wat het zware karakter van staal een verrassende lichtheid geeft – een spannend spel tussen aards en hemels. De bar is beslagen met messing plaatwerk. Het messing is ergens mee bewerkt waardoor het de indruk wekt van een expressionistisch schilderij. Ik meen er wilde kwaststreken in te zien.

Vic brengt me een kop koffie en een punt zelfgemaakte appeltaart met ongezoete slagroom. Slagroom met suiker is lekker, maar van slagroom zonder suiker word ik blij. Geslagen room in pure vorm is een sensatie.

Hoe meer ik zie, hoe meer ik ga zien. Aards laat zich bekijken zoals een goed gedicht zich laat lezen.

De barkrukken hebben een frame van betonplex. Een kunstige en daarmee zinnenprikkelende constructie. Ook de krukken en hoge bankjes aan de hoge tafels komen uit Tribe’s koker en werkplaats. Rank met een goeie zit. De stoffering is in meerdere groentinten uitgevoerd. De diversiteit aan groennuances werkt een associatie met tuinen in de hand waar geen groen hetzelfde is. Het stiksel van geelgroen garen is een detail dat doet beseffen, dat de verrassing in de kleine dingen huist. Over groen gesproken: ik tel hier flink wat planten. 

Opeens vallen de porseleinen decoratiestukken me op. Porselein wordt net als aardewerk gemaakt van kaolien, een witte kleisoort. Er staan porseleinen vazen in de stellingkast achter de bar en porseleinen werkstukken op de stamtafel centraal in de zaak. De aanwezigheid van porselein is een knipoog naar de naam van deze eetbar. Klei is een minerale substantie die de aarde ons schenkt. Porselein is afgebakken, zoals de appeltaart voor me dat ook is.  

Er klinkt muziek. Duidelijk, doch niet opdringerig. “Goeie akoestiek!” zeg ik tegen Chrissy. Ze glimlacht en vertelt dat daar ook echt werk van gemaakt is. Ik vraag haar waar de lichtbak in de vorm van de letter A vandaan komt. Ze weet het niet: “John kwam ermee.” Op de melkwitte glasplaat van de lichtbak zit een verweerd donkerroze tag van een graffiti-artiest. 

Laatste detail en dan moet je spoedig zelf eens gaan kijken. Het fries boven de stellingkast waarin de wijnflessen op een koper wachten is gedecoreerd met een bijzonder fraaie tekst van John waarin wijn en erotiek hand in hand gaan:

“In verleidelijk roze, donkerrood of maagdelijk wit, danst ze een wals in glas”

Een interieur aftoppen met poëzie is als een toef ongezoete slagroom op een goed stuk taart: een sensatie.

terug

een

wals

in

glas

Inspiratie voor je interieur Horeca interieur horeca inrichting Duurzaam interieur Hergebruik Cradle To Cradle Beleving in de horeca Industrieel interieur industriële inrichting Gastvrijheid terug