De belofte van onkunde

- 18 May 2018 door Edwin Timmers -

Een goeie gitarist ben ik niet. Bovendien ben ik te lui om er een te worden. Zingen vind ik een grotere uitdaging. Om niet te verzuipen in een gevoel van onkunde, zocht ik voor de band ondersteuning op gitaar. Anders gezegd: ik zocht een gitarist.
We vonden er een. Een goeie, dat eerst, maar ook een zeer geschikte persoon. Hij ging mee de studio in en bewees vanaf de eerste tonen zijn kracht en aandeel. De man achter de knoppen, de studioman, stelde voor om een van de liedjes iets anders aan te pakken. Dit betekende dat onze nieuwe gitarist op de backbeat een reeks van spannende, piepkleine akkoordjes zou moeten spelen. Na een half uurtje oefenen had hij het onder de knie. Eén akkoordje uit de reeks verzette zich aanvankelijk echter, en daar baalde hij van.

De studioman, een rasmuzikant, schoot te hulp door hem het akkoordje in een gemakkelijkere positie (of greep) aan te wijzen. Onze nieuwe gitarist keek verlicht op. “Verdikke ja, dat ik dat niet doorhad. Eigenlijk had ik dat moeten weten,” sprak hij zichzelf verwijtend toe. De studioman was het niet met dit zelfverwijt eens. Hij zei zelf heel vaak perplex te staan van het spel van andere gitaristen, en voegde daaraan toe dat hij dat prachtig vond. “Er zijn altijd nog nieuwe dingen te leren,” liet hij zich ontvallen. “Dat is toch mooi?”

Onkunde, relatieve onkunde, kun je op verschillende manieren benaderen, leerde ik. Je kunt je er, zoals ik doe, bij neerleggen, of je ziet het als een uitdaging, zoals de studioman doet.

Een vergelijkbaar geval op een heel ander vlak maakte ik onlangs mee. Samen met twee anderen doe ik de eindredactie van een tijdschrift. We beoordelen, corrigeren en stroomlijnen de artikelen die de auteurs aanleveren. In een van de teksten die ik vorige week onder ogen kreeg, merkte ik dat de geïnterviewde het roer van de interviewer had overgenomen. Hierdoor waren interessante vragen en onderwerpen blijven liggen. Ik stuurde de tekstschrijver een keurig mailtje waarin ik dat toelichtte.

Hij reageerde met zelfverwijt door te zeggen dat zijn interviewskills nog tekort schoten om de koers in een gesprek te bepalen. “Twijfel niet te snel aan je skills,” schreef ik terug. “Probeer dit eens,” tipte ik. “Misschien werkt het.” Hij bedankte me en zei het een volgende keer in het achterhoofd te houden. Gelukkig spreekt hij van een volgende keer, want schrijven kan hij, en hij wordt elke keer beter.
terug

&

akkoorden