Een stukje signatuur

- 08 October 2018 door Edwin Timmers -

Niemand voetbalt graag in een porseleinkast met toezicht. Had een schoolvriendje ouders die altijd miepten, dan ging ik er niet spelen. Ik was liever op straat dan in een huis waar je niks mocht aanraken en waar alles dreigde om te vallen. Sowieso meed ik ouders en andere vormen van autoriteit. Het vaakst was ik bij een vriendje waar binnenshuis niks kapot kon. Op regenachtige dagen voetbalden we met z’n zessen in de huiskamer. Ook toen we al doorgeschoten pubers waren. Okay, er ging wel eens iets kapot, maar dat mocht geen naam hebben - "voetbal op tv!" riepen als de bal de televisie deed wankelen. Gebruikssporen zou ik met de kennis van nu zeggen. Er werd geleefd in die kamer.
“Die kroeg heeft een interieur waarin zelfs een blind paard niks kapot kan maken,” zei John Tribe vorig jaar. “En toch zit die tent nokkievol!” John vroeg zich hardop af hoe dat kan. Terugdenkend aan mijn huiskamervoetbalavonturen denk ik het antwoord gevonden te hebben. Niemand danst en sjanst graag in een porseleinkast. Een interieur dat tegen een stootje kan heeft een uitnodigende werking. Want geen mens die je permanent op de vingers tikt. Gebruikssporen vertellen bovendien een verhaal, ze zeggen dat het er vaak uiterst gezellig is geweest en dat je niet de eerste bent die zich er thuis voelde.

Ik denk dat precies die uitnodigende werking een stukje signatuur is van Tribe. Debet daaraan is het hergebruik van materialen en objecten, dingen kortom die al een stootje hebben gehad.

Vorige week vroeg ik aan John wat zijn signatuur is. Eigenwijs was een van de dingen die hij noemde. Zeker waar, Tribe’s interieurs zijn eigenwijs. Maar ik bedoelde met signatuur eigenlijk iets specifiekers. Waaraan herken ik de hand van Tribe in een interieur? De uitnodigende werking die uitgaat van hergebruikte materialen en objecten die al een stootje hebben gehad, is de eerste zwierige krul in de handtekening. Maar er zijn meer elementen die Tribe’s signatuur verraden. Ik kom er spoedig op terug.
terug